De roodwangschildpad
Deze schildpad behoort tot de groep van de koudbloedige schildpadden, ze passen zich dus met andere woorden aan aan de omgevingstemperatuur, als reeds in andere artikels besproken kan je schilpadden best houden in een omeving tussen de 22 en 28 graden.
Vaak kan je deze sierschildpadden (de roodwangschilpad) op kermissen en markten, het is erg belangrijk dat je het dier goed inspecteert:
- Bekijk het dier zorgvuldig. Vertoont het een natuurlijke vluchtreactie ? Dieren die moeilijkheden hebben met zwemmen en duiken, die verstopte neusgaten en/of gezwollen of aan mekaar geplakte oogleden hebben zijn ten dode opgeschreven.
- Gezonde dieren hebben een onbeschadigd schild, d.w.z. dat het pantser gelijkmatig van vorm is en er geen segmenten ontbreken. Voelt het schild zacht aan, dan heeft het dier rachitis (gebrek aan vitamine D).
- Vraag aan de verkoper of hij de dieren wil voederen. Kijk dan goed welke dieren hier het snelst op af komen.
Dit mag niet te eenzijdig zijn. In de handel verkoopt men voor waterschildpadden bestemd droogvoer, dit mag alleen als bijvoeding gegeven worden. De roodwangschildpad is een vleeseter. Je kan ze voederen met rundsvlees, rundshart, kalkoenvlees, zoet en zoutwatervis, garnalen en mosselen. Ook levend voer is zeer goed, als bvb slakken, regenwormen, tubifex. Volwassen dieren hebben een flinke hoeveelheid plantaardig voedingsmiddelen nodig (tot 50%). Ook hier is afwisseling geboden, als paardebloemen, weegbree, spinazie, bananen, koolbladeren en typische waterplanten als waterpest of duizendblad (deze laatste verkies ik persoonlijk te voederen, daar ze onbespoten zijn en geen haard van verrotting teweegbrengen). Hoeveel voedingsmiddelen per dag dient te worden verstrekt moet je zelf uitzoeken. Er moet altijd zoveel eten verstrekt worden als de dieren binnen de 5 minuten kunnen verorberen.


